Het beeld van de misdaad opgetekend

Door: Joost van der Wegen


Paul Vugts bezocht als Amsterdamse rechtbankverslaggever een aantal van de meest tot de verbeelding sprekende rechtszaken van de afgelopen jaren. In zijn boek ‘De strijd tegen de Amsterdamse onderwereld’ beschrijft hij exclusief de details in deze zaken. Zijn verslaggeving toont de verbanden aan tussen de verschillende criminelen en hun organisaties.


In de rechtbank lijdt iedereen in meer- of mindere mate aan het Oslo-syndroom: het psychologische effect waarbij het slachtoffer sympathie gaat voelen voor zijn beul. Tijdens strafzaken gaat het om het gegeven dat alle deelnemers aan het strafproces mensen zijn, die op de een of andere manier met elkaar zaken moeten doen, of ze willen of niet.

In dat parallelle universum tekende Parool-journalist Vugts jarenlang de feiten op voor zijn krant. Hij was in De Bunker aanwezig bij de Holleeder-zaak, zag hoe de Hells Angels uit een zaal van de Amsterdamse rechtbank puilden en hoorde dagenlang de getuigenissen van kroongetuige Peter La S. aan tijdens de nog steeds voortdurende liquidatiezaak.

Vugts begint zijn verslagen meestal met een karakterisering van de verdachte. Die is niet zelden typerend voor het verloop van de zaak. Van de Joego met het korte lontje, tot het elitaire ongeloof op het gezicht van zakenman Jan-Dirk Paarlberg. In de rechtbank kan niemand zich meer verschuilen achter zijn bodyguard of boekhouder. Op een bepaald moment toont ieder zijn ware gezicht. Omdat Vugts zoveel uren draaide achter de perstafel, heeft hij al die momenten vast kunnen leggen.

Daar blijft het niet bij in dit boek. Vugts geeft ook de achtergronden bij de criminaliteit, en de geschiedenis van de verdachten, in vlotte beschrijvingen. Zo ontstaat er verband tussen de elf hoofdstukken. Het voorwoord van Paroolcollega en Bruinsma-biograaf Bart Middelburg geeft context bij de opkomst van de georganiseerde misdaad in ons land. Die is volgens hem eind jaren negentig schromelijk overdreven.
 
Ondanks die constatering, stelt Vugts zelf in een nawoord vast dat de autoriteiten er de laatste jaren niet altijd in geslaagd zijn succes te boeken in de strijd tegen de onderwereld. Politie en justitie moeten naar zijn mening op zoek naar nieuwe middelen in de opsporing. Op de vraag hoe de crime-fighters zich in de toekomst opnieuw moet gaan uitvinden, geeft de schrijver geen antwoord. Maar politiemensen die het werk lezen, moeten uit dit werk zeker inspiratie kunnen putten.


'De strijd tegen de Amsterdamse onderwereld', door Paul Vugts, uitgeverij Nieuw Amsterdam.